Willem Vermandere – Van Soorten (Guitar)

Capo 3
Key
-

Auto-scroll

Chords

Released: 2005 Album: Van Soorten [Intro] Am Am Am Am Am Am [Verse 1]
Am
Der zijn der met stekkers en der zijn der met haar,

    C
Der zijn der met schubben en vinnen,

    Dm
Der zijn der met pantsers en met poten zwaar,

    G
Der zijn der die week zijn van binnen,

    C                              Dm
Der zijn der met slurfen en met ne scherpen bek,

    G         C
Met angels en stekels,

    Dm                    G
Der zijn der met stinkend slijm en drek,

    G                       Dm C
Der zijn der met rammelnede knekels.
F G
    G                       Dm C
Der zijn der met rammelnede knekels.
[Interlude] C G G [Verse 2]
Am
Der zijn der het lijf heel zedig bedekt,

    C
Der zijn der met vuile manieren,

    Dm
Der zijn der gevlamd en der zijn der gevlekt,

    G
Der zijn der die klauwen en klawieren,

    C                    Dm
Der zijn der die grazen, klaver en gras,

    G                 C
Die kaksel en braksel eten,

    Dm                       G
Der zijn der die jagen in 't struikgewas,

    Dm                     G  C
Der zijn der die karkassen vreten.
F G
    G                       Dm C
Der zijn der die karkassen vreten.
[Interlude] C G G [Verse 3]
    Am
Der zijn der met zaagmeel, der zijn der met brein,

    C
Der zijn der die wurgen en winden,

    Dm
Der zijn der met klieren vol giftig venijn,

       G
Die 't eigen broedsel verslinden,

    C                      Dm
Der zijn hier vampieren en addergebroed,

     G                C
Bloeddorstige reuzeharpijen,

   Dm                          G
En gatlekkers zijn d'r hier in overvloed,

      G                      Dm C
En 't stikt van de lasterklappeien.
F G
    G                        Dm C
En 't stikt van de lasterklappeien.
[Interlude] C G G [Verse 4]
    Am
Der zijn der met kwijl en der zijn der met snot,

    C
Der zijn der met luizen en vlooien,

    Dm
Der zijn der gevangen, bespuwd en bespot,

    G
Der zijn der gekluisterd in kooien,

    C                     Dm
Der zijn der hier vele in diepe nood,

      G                   C
Zelfs hoog op den troon gezeten,

    Dm                    G
Der zijn der hier vele op water en brood,

       G                          Dm C
En der zijn der hier heel dikke gevreten.
F G
    G                             Dm C
En der zijn der hier heel dikke gevreten.
[Interlude] C G G [Verse 5]
    Am
Der zijn der hier van soorten op onze planeet,

         C
Der zijn zwarte der zijn rood-blank en gele,

   Dm
Barvoets en bloot, geschoeid en gekleed,

                     G
Der zijn der hier misschien veel te vele,

    C                            Dm
Der zijn der met stekkers en der zijn der met haar,

    G                            C
Der zijn der met schubben en met vinnen,

    Dm                               G
Der zijn der hier met slurfen en met poten zwaar,

          G                        Dm C
Maar geen één die niet week is van binnen.

F  G
N.C.
Maar geen één die niet week is van binnen. [Outro] G C C7